Hoe luiheid en sleur het brein sneller verouderen

Wat doet luiheid met ons brein? Hoe slecht is het om voor de gemakkelijke weg te kiezen en vast te roesten in leef- en werkgewoontes? Klinisch neuropsycholoog Erik Scherder vertelt wat een lui brein doet en… wat het níet doet.

Ons brein moeten we net zoals ons lichaam in beweging houden. Doen we dit niet, dan gaat het sneller bergafwaarts en hebben we een hogere kans op dementie. Als wij luieren, wordt ons brein namelijk ook lui. Hersenen heb je niet om voor je de deur uitloopt uit je hoofd te halen en op het nachtkastje te leggen; hersenen moet je blijven gebruiken! Daarvoor pleit klinisch neuropsycholoog Erik Scherder in zijn nieuwe boek ‘Laat je hersenen niet zitten’. “We zijn wereldwijd veel inactiever geworden,” vertelt hij aan Scientias.nl. “Deze inactiviteit heeft niet alleen invloed op je gezondheid, maar heeft vooral grote impact op je hersenfuncties.”

Meerdere mechanismen van het brein worden gestimuleerd bij sport en bewegen. “Allereerst gaat het hart natuurlijk harder pompen bij beweging,” vertelt Scherder. “Het hart regelt daarmee de bloed- en zuurstofvoorziening van het brein. Hiernaast is er een toename in circulatie van de bloeddoorstroming, en neemt de activiteit van neurotrofines in de hersenen toe.” Neurotrofines, wat zijn dat? Neurotrofines zijn stofjes in de hersenen die ervoor zorgen dat de neurotransmitters hun werk kunnen doen. Neurotransmitters vormen samen de boodschappen die van de ene hersencel naar de andere hersencel gestuurd worden om zo ‘iets gedaan te krijgen’ in het brein. Ze zijn van cruciaal belang om de hersencellen te informeren, aan het werk te houden en in leven te houden. Neurotrofines zijn de voedingsstoffen van die neurotransmitters. “Eigenlijk zijn neurotrofines de basis van je hele chemische huishouding,” vertelt de neuropsycholoog.
“De activiteit van de neurotrofines neemt toe als je sport, beweegt en je in een verrijkte omgeving bevindt.” Waarom dat gebeurt is niet helemaal duidelijk, maar het gebeurt wel, verzekert Erik Scherder. “Je ziet dat verschillende soorten neurotrofines, ook wel neurotrofe factoren genoemd, toenemen als je je wat inspant. Zo is er meer activiteit van de neurotrofe factoren BDNF, NGF en IGF-1 bij inspanning. Die mechanismen verbeteren dan, als een soort bouwstof van het brein, de cognitie en dus je denkvermogen.” Moet je dan echt gaan sporten of voortaan hardlopend naar je werk? “Nee,” zegt Erik Scherder. “De hersenen reageren ook goed als je je geestelijk inspant. Het is niet zo dat degenen die zich niet goed kunnen bewegen per definitie een minder goed brein hebben. Al lijkt de combinatie van bewegen én geestelijke inspanning wel ideaal te zijn om het brein sterker te maken.”

Er zijn dus meer mogelijkheden om de activiteit van de neurotrofines in de hersenen te verhogen. “Je kunt de activiteit verhogen met cognitieve inspanning. Maar er is ook veel activiteit als je muziek speelt.” Toch is bewegen een betere stimulans van het brein volgens Scherder. “Je gebruikt bij bewegen namelijk je motorische circuits,” vertelt hij. “Als je naar muziek luistert, ben je motorisch niet heel erg bezig; dat is een ander systeem. Als je beweegt, gebruik je het motorische circuit wel. En dat circuit is veel groter,” legt de klinisch neuropsycholoog uit. “Als je beweegt, doet er namelijk van alles mee in het brein. Als je over straat gaat hardlopen, moet je opletten: op het verkeer, op de weg, op tegenliggers, of als je moet oversteken. Het is én bewegen én cognitieve actie,” zegt Scherder. Maar om die neurotrofines actiever te maken en te houden, hoeven we dus niet hárd te sporten. “Als we maar niet vergeten gewoon te bewegen,” aldus Erik Scherder.

 

 

 

(Bron: Scientias)

Gepubliceerd op: 21-11-2017